Van koe tot boerenkaas

Voordat Jan en Anneke in het huwelijksbootje stapte wist Jan het zeker: ik word kaasboer. Het vak heeft hij geleerd van zijn vader. En als het in de genen zit, dan zie je, weet je en voel je hoe het moet.

Het leukste is natuurlijk als je een vrouw treft die mee wilt werken. Dat je alles samendoet. Want kaas maken is geen baan, het is een levensstijl. Die vrouw heeft Jan gevonden in Anneke. Het samen runnen van de kaasboerderij gaat eigenlijk heel goed. Altijd samen, maar niet op elkaars lip. Jan zorgt voor de koeien en de melk, Anneke voor de kaas en de winkel

Zoals Jan melkt, melken nog maar weinig boeren. Zo pietje-precies. Al zijn beesten verzorgt hij zelf. Hij ziet ze ’s ochtends, hij ziet ze ’s avonds en dat ruim 360 dagen per jaar. Jan kent hij zijn koeien door en door. Het goed verzorgen van de dieren is het allerbelangrijkste. Want daar moet uiteindelijk de rest van komen.

Anneke haalt het meeste energie uit alle aanloop in de winkel. Een plek voor kaas en een luisterend oor. Het zijn hele generaties die hier boerenkaas kopen. Want boerenkaas is voor iedereen in de samenleving. En als je boerenkaas gewend bent, dan wilt je niet anders meer. Het is puur, eerlijk en echt. De verse smaak van het land, zoals het hoort. Alles komt rechtstreeks uit de koe. En dat proef je.

example1
example1